Gepubliceerd op: 11 november 2012

Ontslagrecht: je wordt er niet rijk van

Onder het motto ‘Bruggen Slaan’ heeft de nieuwe regering haar plannen in het regeerakkoord bekend gemaakt. In deze plannen hebben de VVD en PvdA ook afspraken gemaakt over de flexibilisering van de arbeidsmarkt waarbij het ontslagrecht en de WW worden aangepakt. We zetten de belangrijkste wijzigingen op een rij.

Wijzigingen in het ontslagrecht
De huidige ontslagvergunning van de UWV vervalt. In plaats daarvan volstaat een advies van de UWV over het ontslag, dat binnen vier weken na de aanvraag van de werkgever wordt afgegeven. De werkgever is verplicht dit advies in te winnen. Alleen indien sprake is van een opzegverbod (bijvoorbeeld bij ziekte) kan de werkgever nog via de kantonrechter (en niet via de UWV) een ontslag bewerkstelligen. Dit geldt ook indien sprake is van opzegging van een tijdelijke arbeidsovereenkomst terwijl die arbeidsovereenkomst geen voortijdig beeindigingsclausule bevat.

Werknemer: alleen achteraf naar de kantonrechter
De kantonrechter kan, behalve dus bij opzegverboden en tussentijdse beëindigingen van tijdelijke arbeidsovereenkomsten, door een werknemer alleen nog achteráf worden ingeschakeld als de werkgever het dienstverband heeft opgezegd. Als de werkgever een positief ontslagadvies van het UWV heeft gekregen, mag de rechter alleen nog maar een ontslagvergoeding toekennen als hij het ontslag onterecht vindt of als het ontslag in hoofdzaak aan de werkgever te verwijten valt. Het is niet mogelijk om in hoger beroep te gaan.

De kantonrechter zal het UWV-advies zwaar laten meewegen. In de praktijk wordt dit advies waarschijnlijk leidend. Als  de werkgever een werknemer tegen het advies van de UWV in heeft ontslagen, kan de rechter het ontslag ook ongedaan maken.

Transitiebudget
De ontslagvergoeding wordt gemaximeerd tot een half maandsalaris per dienstjaar, met een absolute grens van EUR 75.000. Daarmee zal de kantonrechtersformule dus verdwijnen. De werkgever is bij een ontslag of bij het niet verlengen van een tijdelijk arbeidsovereenkomst van minstens een jaar een vergoeding voor scholing verschuldigd. Dit wordt het transitiebudget genoemd. De omvang van dit budget bedraagt een kwart maandsalaris per dienstjaar met een maximum van vier maandsalarissen.

Ook bij een ontslag wegens bedrijfseconomische redenen moeten werkgevers een transitiebudget betalen, tenzij het ontslag wordt ingegeven door de slechte financiële situatie van de werkgever en de werkgever failliet zal gaan als hij aan die verplichting moet voldoen.

Kortere WW-uitkering
Het kabinet wil ook de duur van de WW-uitkering verkorten. Deze wordt in het voorstel gemaximeerd tot 24 maanden. De uitkeringsgerechtigde krijgt de eerste 12 maanden een uitkering die is gerelateerd aan het laatstverdiende loon. De laatste 12 maanden is de uitkering gerelateerd aan het wettelijke minimumloon. Een flinke versobering. Wel zijn de PvdA en de VVD overeengekomen dat er een extra bedrag van EUR 250 miljoen beschikbaar komt om de versobering van de WW enigszins op te vangen, bijvoorbeeld door de duur met een half jaar te verlengen.

Dus aan de ene kant profiteren werkgevers van de beperking van de ontslagvergoeding. Aan de andere kant wordt dit voordeel tenietgedaan doordat zij een hogere WW-premie moeten afdragen.

Ontslagprocedure wordt complexer
Al met al zullen ontslagprocedures langer en complexer worden doordat de kantonrechter eerst het UWV-advies zal afwachten. Omdat de ontslagvergoedingen veel lager worden en de WW in duur wordt beperkt, zullen werknemers zich feller en langer tegen een ontslag verzetten. Het is dan ook niet te verwachten dat het ontslagrecht eenvoudiger en flexibeler wordt.

Myrddin van Westendorp
Myrddin van Westendorp

Artikelen door Myrddin van Westendorp

Stuur ons een bericht

Voor verdere vragen kunt u het formulier hieronder gebruiken. Wij nemen dan zo spoedig mogelijk contact met u op.