Gepubliceerd op: 6 augustus 2019

Transitievergoeding wijzigt per 1 januari 2020

Werkgevers zijn bij het ontslaan of het niet verlengen van een arbeidsovereenkomst wettelijk verplicht de vertrekkende werknemer een transitievergoeding te betalen. Per 1 januari 2020, met de invoering van de Wet Arbeidsmarkt in Balans, verandert de wijze waarop deze vergoeding dient te worden berekend.

Als u als werkgever binnenkort afscheid zult moeten nemen van één van uw werknemers kan het een wezenlijk verschil maken of u dat vóór of na 1 januari 2020 doet. In deze blog zal ik uitleggen wat er wijzigt. Daarna zal ik aan de hand van een aantal (reken)voorbeelden toelichten wanneer het voordelig is te wachten en wanneer u beter haast kunt maken met de afronding van de arbeidsrelatie.

Wijziging regels

De algemene regels omtrent de berekening van de transitievergoeding zijn te vinden in artikel 7:673 en 7:673a tot en met d van het Burgerlijk Wetboek. De transitievergoeding is gebaseerd op het maandsalaris en het aantal dienstjaren van de werknemer.

De vergoeding die verschuldigd wordt na het einde van de arbeidsovereenkomst kan aan de hand van de volgende voorschriften worden berekend:

  • De transitievergoeding is pas verschuldigd na twee dienstjaren;
  • De overeenkomst moet op verzoek van de werkgever zijn ontbonden, door hem zijn opgezegd of er moet naar de wens van de werkgever geen nieuw contract zijn afgesloten na het einde van een overeenkomst voor bepaalde duur;
  • In de eerste tien jaren neemt de vergoeding per half jaar met 1/6e van het maandsalaris toe;
  • Vanaf het elfde dienstjaar stijgt de vergoeding per half jaar met 1/4e van het maandsalaris;
  • Vanaf het elfde dienstjaar stijgt de vergoeding per half jaar met 1/2e van het maandsalaris als de werknemer 50 jaar of ouder is;
  • De transitievergoeding is maximaal € 81.000,- of gelijk aan ten hoogste een jaarloon als dat hoger is.

 
Vanaf 1 januari 2020 zullen deze voorschriften als volgt worden gewijzigd:

  • Ook bij arbeidsovereenkomsten van korter dan twee jaar is een vergoeding verschuldigd; en
  • De berekening wordt versimpeld, 1/3e van het maandloon per dienstjaar (1/6e per half jaar).

Rekenvoorbeelden

Indien u afscheid wenst te nemen van een werknemer van 55 die een maandsalaris heeft van € 3k en 20 jaar bij u in dienst is geweest geldt het volgende:
 
Bij een geïnitieerd afscheid voor 1 januari 2020 betaalt u 32,5k aan transitievergoeding.

  • De eerste 10 jaren kosten u 10k (20 halve jaren maal 3k maal 1/6e = 10k);
  • De 5 jaar daarna kosten u 7,5k (10 halve jaren maal 3k maal 1/4e = 7,5k); en
  • De 5 jaar nadat de werknemer 50 is geworden kosten u 15k (10 halve jaren maal 3k maal 1/2e = 15k).

 
Na 1 januari 2020 is dat nog slechts 20k.

  • Alle 20 dienstjaren kosten samen 20k (20 jaren maal 3k maal 1/3e = 20k).

 
Als u dus even wacht met de beëindiging bent u dus 12,5k minder kwijt.
Indien u echter afscheid wenst te nemen van een werknemer die korter dan twee jaar in dienst is dan is het aan te raden dit vóór 1 januari 2020 te initiëren. Voor die datum bent u namelijk geen transitievergoeding verschuldigd, erna wel.
 

Twijfels?

Twijfelt u over wat het juiste moment is voor de beëindiging van een arbeidsrelatie of heeft u behoefte aan professionele begeleiding bij dit proces? Aarzel dan niet en bel met een van onze ervaren arbeidsrecht specialisten. Zij staan u graag kosteloos te woord voor een eerste kennismaking.

Joël de Bruijn
Joël de Bruijn

Artikelen door Joël de Bruijn

Stuur ons een bericht

Voor verdere vragen kunt u het formulier hieronder gebruiken. Wij nemen dan zo spoedig mogelijk contact met u op.