Algemene voorwaarden via website mag vaker dan gedacht
In het kort
- De Hoge Raad oordeelde op 2 juni 2023 (ECLI:NL:HR:2023:835) dat een groothandel kwalificeert als aanbieder van diensten in de zin van het EU-recht.
- Voor dienstverleners gelden soepelere eisen voor het ter beschikking stellen van algemene voorwaarden (art. 6:230c BW) dan de strengere terhandstellingseisen van art. 6:234 BW.
- Gevolg: een dienstverlener mag voor de raadpleging van zijn algemene voorwaarden verwijzen naar zijn website, waardoor het moeilijker wordt die voorwaarden te vernietigen.
- Ook anno 2026 is dit relevant: het begrip “dienst” is in het EU-recht zó ruim dat veel ondernemingen — ook handelsbedrijven — hier een beroep op kunnen doen.
Kernvraag van dit artikel: Mogen algemene voorwaarden alleen via een website worden aangeboden? Voor dienstverleners: vaker wel dan u denkt.
Waarom algemene voorwaarden zo belangrijk zijn
Het juist verstrekken van de tekst van uw algemene voorwaarden (hierna “AV”) vóór of bij het sluiten van een overeenkomst is cruciaal. AV bevatten de standaardafspraken van veelvoorkomende overeenkomsten, zoals:
- beperking van aansprakelijkheid;
- het moment van betaling;
- de gevolgen van te late betaling.
Goede AV maken echt verschil. Bepalingen in de AV binden vaak evenzeer als kernbedingen. In de praktijk kan het slagen van een beroep op de AV beslissend zijn voor vorderingen van tienduizenden — zo niet honderdduizenden — euro’s. Wordt een set AV vernietigd, dan kan dat de kansen in een zaak ingrijpend verslechteren.
Werken met AV is bovendien onmisbaar: het zou ondoenlijk zijn om met iedere klant afzonderlijke afspraken te maken en die allemaal correct uit te voeren. Veel bedrijven vertrouwen dan ook dagelijks op hun AV.
De casus achter het arrest
De zaak draaide om een groothandel in vlees, die onder meer diepgevroren slachtafval van haas uit Argentinië importeerde. Een klant weigerde facturen te betalen nadat zij ontdekte dat het slachtafval onder andere met salmonella besmet was.
De groothandel beriep zich op een klachttermijn uit haar AV: de klant moest de goederen binnen 2 dagen (laten) onderzoeken. Gezien de bederfelijkheid en het besmettingsrisico is die korte termijn goed te verdedigen.
Op de facturen stond de volgende verwijzing:
“Op alle transacties zijn onze algemene verkoopvoorwaarden van toepassing, welke U kunt inzien op onze [website].”
De vernietiging: art. 6:234 BW versus art. 6:230c BW
De klant vernietigde de AV omdat deze niet ter hand waren gesteld op de wijze van artikel 234 Burgerlijk Wetboek Boek BW. Voor terhandstelling in de zin van dat artikel gelden strengere eisen; het enkel op de website plaatsen van de AV is dan niet voldoende.
Voor dienstverleners gelden echter de soepelere eisen van art. 6:230c BW.
De rechtbank en het hof oordeelden dat de groothandel geen dienstverlener was. Daardoor golden de strengere eisen van art. 6:234 BW, waaraan de groothandel zich niet had gehouden. Zij oordeelden dan ook dat de AV terecht waren vernietigd. De Hoge Raad koos de andere weg.
Het EU-begrip “dienst”: veel ruimer dan u denkt
De Hoge Raad oordeelde dat de groothandel wel degelijk een aanbieder van diensten was. Rechtbank en hof hadden dus de verkeerde maatstaf toegepast.
Uit eerdere rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie bleek namelijk al dat het begrip “dienst” in het EU-recht veel ruimer is dan het normale spraakgebruik. Zo oordeelde het Appingedam-arrest van het Hof van Justitie uit 2018 al dat detailhandel in schoenen en kleding een dienst is in de zin van het relevante EU-recht.
De relevante definitie staat in art. 4, aanhef en onder 1, van Richtlijn 2006/123/EG (de “Dienstenrichtlijn“). Een dienst is daar:
“elke economische activiteit, anders dan in loondienst, die gewoonlijk tegen vergoeding geschiedt als bedoeld in art. 50 EG-verdrag, thans art. 57 VWEU.”
Art. 57 VWEU bepaalt dat als diensten worden beschouwd de dienstverrichtingen die gewoonlijk tegen vergoeding geschieden, voor zover de bepalingen over het vrije verkeer van goederen, kapitaal en personen daarop niet van toepassing zijn. Dat is een zeer breed begrip — veel breder dan wat in het gewone taalgebruik onder dienstverlening wordt verstaan.
Terhandstelling: voor dienstverleners makkelijker
De Hoge Raad gaf ook nadere duiding over de vraag wanneer het online aanbieden van de AV op de website volstaat. Voor dienstverleners kan verwijzing naar de website — onder de soepelere eisen van art. 6:230c BW — dus voldoende zijn om de AV rechtsgeldig van toepassing te laten zijn.
Wat betekent dit voor u? (praktische aandachtspunten 2026)
Ook nu, in 2026, blijft dit arrest richtinggevend. Enkele aandachtspunten:
- Ga na of u kwalificeert als dienstverlener. Gezien het ruime EU-begrip “dienst” is dat vaker het geval dan ondernemers verwachten — ook voor handelsbedrijven.
- Verwijs correct en vindbaar naar uw AV. Zorg dat de verwijzing (bijvoorbeeld op offertes en facturen) duidelijk is en dat de AV daadwerkelijk raadpleegbaar zijn.
- Houd uw AV actueel en gemakkelijk toegankelijk op uw website.
- Twijfelt u of art. 6:230c BW dan wel art. 6:234 BW op u van toepassing is? Laat uw situatie toetsen — het verschil kan beslissend zijn voor de geldigheid van uw AV.
Veelgestelde vragen (FAQ)
Mag je algemene voorwaarden alleen via de website aanbieden?
Voor dienstverleners kan dat volstaan onder de soepelere eisen van art. 6:230c BW. Voor niet-dienstverleners gelden de strengere terhandstellingseisen van art. 6:234 BW, waarbij alleen een website doorgaans niet voldoende is.
Wat besliste de Hoge Raad op 2 juni 2023?
Dat een groothandel een aanbieder van diensten is in de zin van het EU-recht (ECLI:NL:HR:2023:835), waardoor de soepelere regels voor het aanbieden van AV van toepassing zijn.
Wat is het verschil tussen art. 6:230c BW en art. 6:234 BW?
Art. 6:230c BW bevat soepelere eisen voor dienstverleners om AV ter beschikking te stellen (waaronder verwijzing naar een website); art. 6:234 BW stelt strengere terhandstellingseisen.
Waarom is het begrip “dienst” hier zo ruim?
Omdat het is gebaseerd op de Dienstenrichtlijn (2006/123/EG) en art. 57 VWEU. Het Appingedam-arrest (Hof van Justitie EU, 2018) bevestigde al dat zelfs detailhandel als “dienst” kwalificeert.
Vragen?
Vragen over uw algemene voorwaarden of over de vraag of u als dienstverlener kwalificeert? Neem gerust contact op met onze Ondernemingsrecht Advocaten.